Improblog

Blik op improvisatie

Wat maakt een goede game?

Wat maakt een goede game? Uiteraard heeft iedereen daar zo zijn eigen mening over. En uiteraard zijn die verdeeld.

placebo_lelijke_eendjes_67

Bij het bedenken van een nieuwe game of het lesgeven in een bestaande game, denk ikzelf altijd terug aan de oorsprong van de allereerste theatersportgames. Keith Johnstone bedacht destijds vele, nu klassieke, games als oefening voor acteurs om improvisatie te leren. Pas later kwam hij erachter dat het publiek die oefeningen ook leuk vond om naar te kijken (en dat was ook gelijk het begin van het fenomeen theatersport).

Dat in mijn achterhoofd houdend, ging ik bij het bedenken van een nieuwe game altijd uit van de gedachte: welke improskill traint deze game cq. oefening? Als je daar een antwoord op kunt geven, heb je namelijk een potentieel succesvolle game, die een langer leven beschoren is dan “een paar keer leuk maar dan wel gezien”.

Ik geef een paar voorbeelden van deze improskills in een game:

  • Armen-door (handje pandje): direct “JA” zeggen tegen een blind aanbod zonder dat je weet hoe je het gaat oplossen.
  • Split-focus/dub-games/switch-games/woord-per-keer: samen verhalen bouwen en daarbij de verantwoordelijkheid voor het verhaal los moeten laten.
  • Woord-op en af: ooit bedacht om dynamiek in een scene te brengen, door spelers eindelijk niet alleen op, maar ook eens af te laten gaan (ja, soms is het zo simpel).
  • Alfabet-spel/verhaal-op-rij: je laten verrassen en glorieus falen.

Het voordeel van zo’n ‘geheime’ impro-oefening in een game is, dat het de game spannend maakt, omdat de game niet vanzelfsprekend goed gaat. De improvisator kan alleen met die bepaalde skill(s) de game tot een goed einde brengen, en net als bij een koorddanser is het voor het publiek spannend om te zien of de improvisator voldoende vaardig is om van het begin naar het einde van het touw/de scene te komen.

Games die al snel weer verdwijnen hebben zo’n geheime impro-oefening meestal niet. Een game waarbij je een zak spekjes moet leegeten en ondertussen proberen te praten, bijvoorbeeld, is supergrappig, maar heb je na drie keer ook echt wel gezien. Dat is alsof het touw van de koorddanser op de grond ligt, en hij er dan overheen rent. Leuke grap, maar de tweede keer kende je hem al. Een “imposkilloefening” is dus duidelijk iets anders dan alleen maar een “hindernis” of een “uitdaging”!

De uitdaging van flauwe games
De gedachte: “welke improskill traint deze game”, is ook interessant voor bestaande games. Waarom werkt een game, of, minstens zo belangrijk: waarom werkt hij bij ons niet? Neem bijvoorbeeld weer “armen-door”: door veel spelers al snel als “flauw” of “beginnersgame” gezien, Dat komt niet door de spelvorm. Dat komt omdat de meeste spelers veel te hoofdig proberen iets bij het blinde aanbod van de handen te bedenken in plaats van, zonder te weten waarom, direct en helemaal met de handen mee te gaan en je mond in beweging te zetten en dan maar te zien waar je uitkomt. Dat laatste blijft geweldig om naar te kijken en erg moeilijk/spannend om te doen. Het is een ultieme oefening in loslaten en gewoon blind gáán, maar wordt in Nederland maar zelden zo ervaren.

Het leuke is natuurlijk dat iedereen andere skills kan bedenken bij een nieuwe of bestaande game. En je kunt er, als je langer speelt, nieuwe aan toevoegen, om het moeilijker te maken, en dus uitdagender en dus spannender. Hierdoor ontstaan ook verschillende interpretaties hoe je een game kunt/’moet’ spelen. Niemand heeft hierbij de waarheid in pacht; alles wat ik hierboven schrijf is dan ook louter mijn interpretatie.

Toffe games
Is “wat oefent deze spelvorm” de enige manier om naar spelvormen te kijken? Uiteraard niet. Er zijn heel makkelijk andere redenen te bedenken om een spelvorm te maken/doen. Bijvoorbeeld: deze spelvorm oefent niets, maar helpt wel om de klassieke angst “help ik sta op toneel” (ook bij gevorderden altijd nog in meer of mindere mate aanwezig) te helpen overwinnen. Zo zullen er nog vele andere en wellicht betere uitgangspunten zijn om spelvormen te te bedenken of te trainen.

Maar “welke skill traint deze spelvorm” heeft me altijd erg geholpen en heeft ook, jaren terug alweer, geresulteerd in de website www.improspelvormen.nl. Met veel van wat ik daar schreef, ben ik het nu al niet meer mee eens. Maar dat hoeft ook helemaal niet! De website, is, net als deze blog, bedoeld om impro-ers te laten nadenken over bestaande en nieuwe spelvormen en er zelf hun vragen en antwoorden bij te laten bedenken. Het maakt daarbij niet uit of je het met elkaar eens bent of juist niet. Het gaat om toffe games en beter spel.

Over Roemer Lievaart

Zoeken

Over Improblog

Improblog is een verzamelplaats voor iedereen met interesse in improvisatietheater. Verschillende acteurs en trainers delen er hun visie, mening en ervaring.

Eindredactie: Sytse Wilman
Sitemaster: Victor Romijn
Ontwerp & advies: Doris Bartels

De vijf meest recente berichten:

  • De wereld een klein beetje beter improviseren
  • Zelf een impro-evenement opzetten: 7 tips
  • Internationaal improfestival opent meer poorten voor Nederlandse spelers
  • 5 topwedstrijden om naar uit te kijken op het NTT
  • Doe mee met de Improblog NTT 2022-pool!

De afgelopen maanden:

  • mei 2023 (1)
  • februari 2023 (1)
  • oktober 2022 (1)
  • september 2022 (1)
  • augustus 2022 (2)
  • juni 2022 (1)
  • mei 2022 (1)
  • april 2022 (1)
  • januari 2022 (1)
  • augustus 2021 (2)
  • juli 2021 (1)
  • april 2021 (1)
  • maart 2021 (1)
  • februari 2021 (1)
  • januari 2021 (1)
  • december 2020 (1)
  • mei 2020 (1)
  • april 2020 (2)
  • maart 2020 (2)
  • februari 2020 (1)
  • december 2019 (1)
  • november 2019 (1)
  • september 2019 (1)
  • juni 2019 (2)
  • maart 2019 (2)
  • februari 2019 (2)
  • januari 2019 (2)
  • december 2018 (1)
  • oktober 2018 (4)
  • september 2018 (2)
  • juli 2018 (1)
  • juni 2018 (3)
  • mei 2018 (4)
  • april 2018 (3)
  • maart 2018 (1)
  • februari 2018 (5)
  • januari 2018 (2)
  • december 2017 (3)
  • november 2017 (3)
  • oktober 2017 (3)
  • september 2017 (2)
  • augustus 2017 (3)
  • juli 2017 (2)
  • juni 2017 (3)
  • mei 2017 (5)
  • april 2017 (3)
  • maart 2017 (5)
  • februari 2017 (3)
  • januari 2017 (5)
  • december 2016 (8)
  • november 2016 (5)
  • oktober 2016 (3)
  • september 2016 (3)
  • juli 2016 (3)
  • juni 2016 (3)
  • mei 2016 (3)
  • april 2016 (5)
  • maart 2016 (6)
  • februari 2016 (3)
  • januari 2016 (5)
  • december 2015 (3)
  • november 2015 (4)
  • oktober 2015 (3)
  • september 2015 (4)
  • augustus 2015 (5)
  • juli 2015 (5)
  • juni 2015 (6)
  • mei 2015 (6)
  • april 2015 (5)
  • maart 2015 (6)
  • februari 2015 (8)
  • januari 2015 (6)
  • december 2014 (8)
  • november 2014 (12)