Improblog

Blik op improvisatie

Theatersport beoordelen wringt bij de inhoud (nu met gratis perfecte metafoor!)

Nog een maand en het Nederlands Theatersport Toernooi (NTT) maakt na een lastige corona-stilte haar glorieuze come-back. Voor een groot deel van improviserend Nederland is dit het hoogtepunt van het seizoen. De fanatiekere en meer ambitieuze teams en verenigingen willen natuurlijk ook graag een gooi doen naar de titel. Het is uiteindelijk aan de jury-teams om de ‘juiste’ punten uit te delen en dat valt niet altijd mee, heb ik in het verleden als jury-lid en als deelnemer gemerkt. Naar mijn idee is de driedeling in ‘inhoud’, ‘techniek’ en ‘amusement’ achterhaald. Het grootste bezwaar heb ik tegen de categorie ‘inhoud’. Ik heb de perfecte metafoor om dit nader toe te lichten.

Eerst maar even een disclaimer: ik zou mijn eigen beeldspraak natuurlijk nooit zelf de perfecte metafoor noemen. Daar heb ik mijn mensen voor. In dit geval impro-coryfee Thomas Hoogendoorn, met wie ik onlangs na afloop van een klus in de trein zat te kletsen over improvisatietheater en het beoordelen daarvan. Ik besteeg mijn stokpaardje en betoogde waarom ik vind dat het wringt bij de inhoud. En toen gebeurde het. De metafoor rolde uit mijn mond. ‘Het NTT is nu als een schilderwedstrijd waarbij één van de criteria is dat je moet kunnen zien wat het voorstelt.’ Thomas stak prompt een veer in mijn bibs. Dat is de perfecte metafoor, oordeelde hij (vervolgens hebben we overwogen het Instituut voor Perfecte Metaforen op te richten, maar vooralsnog is dat toekomstmuziek).

Vormdwang

Mijn punt is dit: elke scene of spelvorm heeft een zekere amusementswaarde. Of dit nou hilariteit, ontroering of iets totaal anders is, maakt niet uit. Je kunt altijd een getalletje van 1 tot en met 5 plakken op hoe leuk je het vond. In elke scene of spelvorm kunnen de spelers ook hun technische beheersing laten zien en ook dat valt prima te vatten in een score. Of iedereen het eens is met het oordeel van de jury staat daar los van.
Voor categorie ‘inhoud’ geldt dit niet, want dat is strikt narratief gedefinieerd. Kort door de bocht: inhoud = verhaaltje maken. Platform – probleem – oplossing. Zing je een puik lied, improviseer je een prachtige dans, speel je een abstracte scene of een raadgame, dan kun je eigenlijk nooit punten voor inhoud krijgen. Gevolg: vormdwang bij teams die toch wel graag een paar rondes verder willen komen (en laten we eerlijk zijn: dat is ook leuk).

Persoonlijk houd ik erg van verhalen maken, dus ik roep dit echt niet uit eigen belang (bovendien doe ik dit jaar niet eens mee). Ik vind het gewoon een gemis dat zo’n mooi en groot evenement als het NTT niet de volledige reikwijdte van de theatersport laat zien, maar slechts een uitsnede daarvan.

Variatie

Daar kom nog bij dat de driedeling in de beoordeling ook wat hiaten kent. Wat mij betreft is de belangrijkste daarvan variatie. Ik vind het als publiek niet zo interessant als een team keer op keer hetzelfde trucje doet. Hoe meer ze me verrassen, des te leuker ik het vind. Toch worden teams die dat doen, niet beloond met punten. Elke scene wordt los beoordeeld.

Beoordeel het geheel

Ik hoor je al denken: Ja, het zal, met je metafoor en zo, maar hoe moet het dan wel? Ik pleit voor een holistische beoordeling waarin de juryleden het geheel beoordelen. Alle juryleden bekijken de hele voorstelling en zeggen na afloop individueel welk team naar hun oordeel de winnaar is. Dit is als ik me het goed herinner één editie van het NTT uitgeprobeerd, maar helaas nogal halfslachtig. Zo zag ik juryleden met elkaar overleggen, terwijl ik vind dat ze juist los van elkaar hun eigen individuele oordeel moeten vormen.

Bovendien werd er een soort hoofdelijke stemming van gemaakt, waarbij alle juryleden apart zeiden naar wie hun stem uitging. Dat was – zeker in de finale met vijf juryleden – een ongemakkelijke bedoening. In plaats daarvan hadden ze beter zelf stilzwijgend de stemmen kunnen tellen om vervolgens met het eindoordeel te komen: de winnaar is team A!

Wedstrijdgevoel

Ik weet dat er mensen zijn die het een gemis vinden dat je daardoor tijdens de voorstelling geen tussen hebt en daardoor het ‘wedstrijdgevoel’ mist. Persoonlijk heb ik daar geen last van, maar dat kun je inderdaad zo beleven. Dat is wellicht een kwestie van wennen, bovendien vond ik het als speler juist prettig om geen tussenstand in punten te weten. De fanatiekeling met prestatiedrang in mijn hoofd gaat daar namelijk net iets te lekker op. Los daarvan denk ik dat je het publiek er ook iets voor teruggeeft: een gevarieerder aanbod op het podium.

Over Sytse Wilman

improviseert sinds 2004, lid van Het Gevolg en De Vereeniging (winnaar NTT 2014), oprichter en bedenker van Werewolves: The Improv Show, trainer (geweest) bij diverse theater(sport)groepen, Stichting CREA en BNN-VARA. Verzorgt met zijn bedrijf Bliksemfles trainingen, workshops en shows voor bedrijven. Meer informatie: www.bliksemfles.nl

Zoeken

Over Improblog

Improblog is een verzamelplaats voor iedereen met interesse in improvisatietheater. Verschillende acteurs en trainers delen er hun visie, mening en ervaring.

Eindredactie: Sytse Wilman
Sitemaster: Victor Romijn
Ontwerp & advies: Doris Bartels

De vijf meest recente berichten:

  • De wereld een klein beetje beter improviseren
  • Zelf een impro-evenement opzetten: 7 tips
  • Internationaal improfestival opent meer poorten voor Nederlandse spelers
  • 5 topwedstrijden om naar uit te kijken op het NTT
  • Doe mee met de Improblog NTT 2022-pool!

De afgelopen maanden:

  • mei 2023 (1)
  • februari 2023 (1)
  • oktober 2022 (1)
  • september 2022 (1)
  • augustus 2022 (2)
  • juni 2022 (1)
  • mei 2022 (1)
  • april 2022 (1)
  • januari 2022 (1)
  • augustus 2021 (2)
  • juli 2021 (1)
  • april 2021 (1)
  • maart 2021 (1)
  • februari 2021 (1)
  • januari 2021 (1)
  • december 2020 (1)
  • mei 2020 (1)
  • april 2020 (2)
  • maart 2020 (2)
  • februari 2020 (1)
  • december 2019 (1)
  • november 2019 (1)
  • september 2019 (1)
  • juni 2019 (2)
  • maart 2019 (2)
  • februari 2019 (2)
  • januari 2019 (2)
  • december 2018 (1)
  • oktober 2018 (4)
  • september 2018 (2)
  • juli 2018 (1)
  • juni 2018 (3)
  • mei 2018 (4)
  • april 2018 (3)
  • maart 2018 (1)
  • februari 2018 (5)
  • januari 2018 (2)
  • december 2017 (3)
  • november 2017 (3)
  • oktober 2017 (3)
  • september 2017 (2)
  • augustus 2017 (3)
  • juli 2017 (2)
  • juni 2017 (3)
  • mei 2017 (5)
  • april 2017 (3)
  • maart 2017 (5)
  • februari 2017 (3)
  • januari 2017 (5)
  • december 2016 (8)
  • november 2016 (5)
  • oktober 2016 (3)
  • september 2016 (3)
  • juli 2016 (3)
  • juni 2016 (3)
  • mei 2016 (3)
  • april 2016 (5)
  • maart 2016 (6)
  • februari 2016 (3)
  • januari 2016 (5)
  • december 2015 (3)
  • november 2015 (4)
  • oktober 2015 (3)
  • september 2015 (4)
  • augustus 2015 (5)
  • juli 2015 (5)
  • juni 2015 (6)
  • mei 2015 (6)
  • april 2015 (5)
  • maart 2015 (6)
  • februari 2015 (8)
  • januari 2015 (6)
  • december 2014 (8)
  • november 2014 (12)