Het verzinnen van een nieuwe theatersportgame: voor sommigen is het een game op zich. In de Impro Totaal of de Roemer Has It wordt er in korte tijd of zelfs on the spot een nieuwe game verzonnen. De één gaat dat makkelijker af dan de ander, maar mocht je wat beter beslagen ten ijs willen komen dan heb je wellicht hier iets aan.
Voor een van de lessen die ik recent gaf aan Moeders Mooiste ben ik eens gaan kijken naar de games die ik kende: zijn er overeenkomstigheden of wetmatigheden te vinden, die te generaliseren zijn? En jawel, ik kwam tot negen soorten waar je flink op kunt variëren. [disclaimer: er zullen er vast meer zijn, ik zie aanvullingen graag in de reacties]
- Als X, dan Y
Als er X gebeurt dan wordt dat gevolgd door Y.
Voorbeeld: de engelse opening: Als er 4 mensen op het podium zijn geweest, dan pas mag er gepraat worden. Of de Just the 2 of us: Als er twee mensen op het podium zijn moet er gezongen worden. - Ruilen van personage/plek
Speler B neemt de plek of het personage van speler A in.
Voorbeeld: De switch/change waarbij er binnen de scene geruild word van personage (switch) of waarbij een speler vervangen wordt door zijn mede speler die buiten het speelveld staat (change). Ook de Survivor is een spelvorm waarbij het personage dat wordt weggestemd wordt overgenomen door de overgebleven spelers. - Herhaling, maar anders
Een Drie in de pan of een Choreograaf herhaalt een eerste scene, met dezelfde woorden maar andere bewegingen (of muziekstijl, of genre, etc) of met dezelfde beweging maar andere woorden. - Raadgames
Speler A en het publiek weten iets wat speler B niet weet. Speler B doet aanbod tot hij het juiste aanbod heeft gedaan.
Voorbeelden van raadgames zijn de Cluedo, de Preachers (twee spelers preken terwijl de anderen uitbeelden wat er in de preek voor moet komen) en de Dierenwinkel. - Verteller/Uitbeelder
Speler A vertelt, de rest vult aan door uit te beelden wat er gebeurt.
De Typewriter is de meest pure versie hiervan, maar ook een herault (soort typewriter op rijm) of een brief (twee typwriters) vallen in deze categorie. Bij de Psychiater is er een klant die zijn leven vertelt tegen een psychiater, wat ook uitgespeeld word. - Veel publieksinput
Er wordt veel input uit het publiek gevraagd en de spelers proberen zoveel mogelijk te gebruiken in hun scene.
De Briefjesgame waarbij het publiek van tevoren input heeft gegeven op briefjes die verspreid liggen op het podium, of bij de roetsjbaan is dit het geval. - Set-up
Er wordt een situatie geschetst, van waar de scene start.
De Set-Up is natuurlijk een klassiek voorbeeld, maar ook een schilderij of dilemma werkt op deze manier. Voordeel is dat je het als speler in elk geval over de lokatie/het dilemma niet eens hoeft te worden, omdat dat er al is. - Een beperking
De speler heeft een beperking: Hij mag alleen maar woorden met een bepaalde letter zeggen, alleen maar zinnen van x aantal woorden, alleen zitten, liggen of staan. - Een zekerheidje
Er is iets wat zeker in de scene voorkomt: bijvoorbeeld een slotzin, een beginzin, een kus of een moord.
De volgende keer dat je dus wordt uitgedaagd om een nieuwe game te verzinnen, kun je dus prima een van deze wetmatigheden pakken en daar een variant op bedenken. En als je het echt bont wilt maken kun je er zelfs een paar combineren.